Zorgvuldig geselecteerd
Zoek snel jouw favoriete bloembollen
Filters
28 producten
Video
Van bol tot bloei: bloembollen poten
Hoe diep, welke kant boven en wanneer de grond in. Merel laat in de tuin precies zien hoe je bloembollen pot voor een tuin vol kleur in het voorjaar.
Stinzenbollen en verwilderingsbollen kopen
Verwilderingsbollen zijn bloembollen die je één keer plant en die daarna vanzelf terugkomen en zich uitbreiden. Ze zaaien zichzelf uit of maken nieuwe bolletjes, zodat er elk jaar meer bloeien. Stinzenbollen zijn daar de klassieke vorm van: bolgewassen die van oudsher verwilderen rond oude buitenplaatsen, boerderijen en pastorietuinen. In deze collectie staan alle bollen uit ons assortiment die dat gedrag vertonen, allemaal biologisch geteeld zonder pesticiden en zonder kunstmest.
Juist bij verwildering is biologisch uitgangsmateriaal logisch. Deze bollen blijven decennia in je tuin en bloeien vroeg, precies wanneer bijen en hommels hun eerste nectar zoeken.
Welke bollen verwilderen het best?
De sterkste verwilderaars in ons assortiment zijn krokussen, muscari (blauwe druifjes), sneeuwroem (chionodoxa), saffierhyacint (puschkinia), boshyacinten en de verwilderende narcissen. Wilde tulpen zoals saxatilis en turkestanica verwilderen goed; gewone tuintulpen doen dat maar matig. Dwergiris en allium komen vaak jaren terug op een warme, goed doorlatende plek.
Waar plant je ze?
- In het gazon: krokussen, verwilderende narcissen en sneeuwroem. Maai pas als het loof helemaal verdord is, meestal vanaf half juni. Dat is de belangrijkste regel: maai je te vroeg, dan verdwijnen ze binnen een paar jaar.
- Onder bomen en struiken: boshyacinten, muscari en sneeuwroem. Zij bloeien vóór het blad aan de bomen komt en hebben aan het voorjaarslicht genoeg.
- In een border of natuurlijke rand: narcissen, allium en dwergiris tussen vaste planten, die het verdorde loof netjes wegwerken.
- Op een schrale, warme plek: wilde tulpen. Zij houden van droog en arm; op vette, natte grond verdwijnen ze.
Hoe plant je verwilderingsbollen natuurlijk?
Strooi de bollen met een zwaai over het vak en plant ze waar ze vallen. Zo krijg je het losse, toevallige beeld dat bij verwildering hoort. Plant in groepen van minstens tien tot vijftien bollen per soort en houd de plantdiepte aan op twee tot drie keer de hoogte van de bol, punt omhoog. Plant in het najaar, van september tot december.
Wat is het verschil tussen stinzenbollen en verwilderingsbollen?
Stinzenplanten zijn de historische groep bol- en knolgewassen die verwilderd zijn rond oude buitenplaatsen in Friesland en Groningen; het woord komt van "stins", een versterkt stenen huis. Verwilderingsbollen is de bredere, praktische term voor alle bollen die zich vanzelf uitbreiden. Alle stinzenbollen verwilderen, maar niet elke verwilderingsbol is een klassieke stinzenplant.
Hoe lang duurt het voordat bollen echt verwilderen?
Reken op drie tot vijf jaar voordat je een duidelijke uitbreiding ziet. Het eerste jaar bloeien ze zoals je ze geplant hebt, daarna komen er langzaam bolletjes en zaailingen bij. Krokussen en sneeuwroem gaan het snelst, narcissen doen er wat langer over maar houden het decennia vol.
Moet ik verwilderingsbollen bemesten?
Nee, in een gazon of natuurlijke rand hoeft dat niet. Verwilderingsbollen doen het juist goed op schralere grond; te veel voeding geeft veel blad en weinig bloei. Laat het loof na de bloei gewoon afsterven, dat is de enige voeding die ze nodig hebben.
Verwilderen bollen ook in een pot?
Niet echt. Verwildering vraagt ruimte, een koude winterperiode in de volle grond en rust. In een pot bloeien ze prima, maar de uitbreiding blijft uit. Wil je bollen in pot, kijk dan bij onze gids over bollen in pot planten.
Meer lezen? In het artikel stinzenbollen en verwilderingsbollen staat het hele verhaal, en in de gids over bijvriendelijke bloembollen lees je welke soorten het meeste voor insecten doen. Bekijk ook onze biologische krokussen, narcissen, boshyacinten en bloembollenpakketten.









