Bloembollen plant je in een pot in lagen, een methode die de bollenlasagne heet. Onderin zet je de laatbloeiers (de tulpen), in het midden de narcissen en bovenin de kleine vroege bolletjes zoals blauwe druifjes. Vul de pot met ongeveer de helft potgrond en de helft zand voor een goede afwatering, en zorg dat er ruime gaten in de bodem zitten. Zo heb je van het vroege voorjaar tot in mei steeds bloei in een pot.
- Plant in lagen (bollenlasagne): laatbloeiers onderin, vroegbloeiers bovenin.
- Vuistregel: hoe kleiner de bol, hoe vroeger hij bloeit.
- Grondmengsel: ongeveer 50 procent potgrond, 50 procent zand voor de afwatering.
- Een pot met ruime gaten, anders rotten de bollen weg in natte grond.

Liever kijken dan lezen? In deze video laat Merel ook zien hoe je bollen in een pot plant.
Hoe maak je een bollenlasagne?
Een bollenlasagne is een pot waarin je de bollen in lagen plant, zodat ze na elkaar bloeien. Je begint onderin met de bollen die het laatst bloeien en eindigt bovenin met de bollen die als eerste komen. Tussen elke laag schuif je een laagje grond. Omdat de bollen op verschillende diepten zitten, komen ze elkaar niet in de weg en bloeit er steeds iets.
- Zorg eerst dat er ruime gaten in de pot zitten.
- Vul de pot voor een derde met je mengsel van potgrond en zand.
- Onderste laag: de tulpen, met de punt omhoog, vrij dicht op elkaar.
- Schuif er een laagje grond overheen.
- Tweede laag: de narcissen.
- Weer een laagje grond.
- Bovenste laag: de kleine vroege bolletjes, zoals blauwe druifjes.
- Afdekken met een dun laagje zand of grond.
Welke bollen kun je het beste in een pot planten?
Vrijwel elke voorjaarsbol doet het goed in een pot. Voor een lange bloei combineer je een vroege, een midden- en een laatbloeier. Stem de kleuren op elkaar af, want ze bloeien wel na elkaar, maar soms overlappen ze. Op een winderig balkon kies je liever korte, stevige soorten zoals Narcis 'Tete-a-Tete' en botanische tulpen, die waaien minder snel om dan de hoge grootbloemige tulpen.
- Vroeg: blauwe druifjes, krokus.
- Midden: narcis, vooral de korte soorten.
- Laat: tulp.

Welke grond en welke pot heb je nodig?
Het belangrijkste is een goede afwatering. Potgrond houdt in een natte herfst veel vocht vast, en daar kunnen bollen slecht tegen. Daarom meng je er ongeveer evenveel zand doorheen. Kies een pot met ruime gaten in de bodem. Heeft je pot maar een klein gaatje, dan kan dat dichtslibben met wortels, en blijft het water staan. Een diepere pot geeft je meer ruimte om in lagen te planten.
Kun je er bovenop nog iets planten?
Ja, en dat is ook nog eens mooi. Een pot met alleen grond erbovenop is in de winter wat kaal. Plant er bovenop een paar viooltjes, dan heb je de hele winter groen en bloei, en de bollen eronder hebben er geen last van. Een laagje houtsnippers of schelpen kan ook, maar een levend plantje is leuker. In het voorjaar groeien de bollen er gewoon doorheen.
Hoe verzorg je de pot in de winter?
Veel hoeft het niet. Houd de grond vochtig maar niet kletsnat, juist die natte grond is het risico. Bollen kunnen goed tegen kou, maar een pot vriest sneller door dan de volle grond. Zet de pot daarom in een strenge winter tegen een muur of op een beschutte plek. Na de bloei laat je het blad staan tot het vanzelf afsterft, zo slaat de bol energie op voor volgend jaar. Verwilderaars zoals narcis en muscari kun je daarna uit de pot halen en in de tuin uitplanten.

Veelgestelde vragen
Je plant in lagen: de laatbloeiers onderin (het diepst), de vroege bolletjes bovenin. In een pot mag je wat losser omgaan met de vuistregel van twee tot drie keer de bolhoogte, zolang je de laagjes maar aanhoudt.
Combineer een vroege, een midden- en een laatbloeier voor een lange bloei. Bijvoorbeeld blauwe druifjes, narcis en tulp. Stem de kleuren op elkaar af.
Ja, het liefst ruime gaten. Zonder goede afwatering blijft het water staan en rotten de bollen.
Verwilderaars zoals narcis, muscari en krokus wel, vooral als je ze niet te dicht zet en het blad laat staan. Grote tulpen komen meestal niet even mooi terug.






