Vraag & antwoord

Alles wat jullie ons vragen

Van bestellen en bezorgen tot wat er in een pot kan en waarom je brood plat blijft. Zoek hieronder op een woord of typ gewoon je hele vraag. Staat het antwoord er niet bij, mail ons, dan zetten we hem erbij.

Daar hebben we nog geen antwoord op staan.

Stuur je vraag naar support@degroenemakers.nl, dan beantwoorden we hem persoonlijk en zetten we hem hier erbij.

Eetbare planten (35)

Kleine tuin, pot en balkon

Als je in een kleine tuin maar twee kleinfruitplanten in de volle grond kunt zetten, wat kies je dan?

Wij zouden gaan voor een kruisbes en een doornloze braam. Reden: ze oogsten na elkaar (kruisbes in juni en juli, braam in augustus en september), ze zijn allebei zelfbestuivend, ze verdragen halfschaduw en de braam kan tegen een hek of schutting, waardoor hij nauwelijks grond kost.

Wil je liever twee struiken die op elkaar lijken maar heel verschillend smaken: een rode aalbes ‘Jonkheer van Tets’ en een roze aalbes ‘Gloire des Sablons’. Die roze is zo zoet dat kinderen hem zo van de struik eten.

Een klein blijvend fruitboompje voor een kleine voortuin op het zuiden, wat raden jullie aan?

Op een zonnige voortuin zouden wij een zure kers ‘North Star’ nemen. Die blijft van nature klein (2 tot 3 m), is zelfbestuivend, bloeit uitbundig wit in het voorjaar en de vogels laten zure kersen vaker met rust dan zoete. Of een zoete kers ‘Sylvia’, die groeit zuilvormig en neemt dus bijna geen breedte in.

Wil je iets bijzonders waar de buren naar komen kijken: een vijg tegen de zuidmuur, of een dwergmoerbei.

Ik heb een kleine tuin en kan lichamelijk weinig doen. Zijn er opties die klein blijven en weinig onderhoud vragen?

Zeker, en dit is precies waar honingbes en krent voor gemaakt lijken. De honingbes hoef je jarenlang niet te snoeien, hij blijft rond een meter, krijgt vrijwel geen ziektes en geeft in mei al bessen die je vanaf zithoogte plukt. De krent ‘Smokey’ is net zo makkelijk en geeft daarnaast bloesem in het voorjaar en vuurrood blad in de herfst.

Zet ze in de volle grond met een dikke laag compost eromheen. Die laag onderdrukt onkruid en houdt vocht vast, waardoor je ook minder hoeft te wieden en te gieten. Planten in een verhoogde bak of grote pot op werkhoogte scheelt bukken.

Wat is geschikt voor een kleine tuin of iets in een pot?

In een kleine tuin wil je planten die veel geven per vierkante meter en niet uit de kluiten groeien. Onze drie favorieten: een kruisbes (blijft rond 1 m, verdraagt halfschaduw, één plant is genoeg), een honingbes (de allereerste oogst van het jaar, in mei al) en een doornloze braam ‘Navaho’ tegen een muur of hek, want die gebruikt hoogte in plaats van grondoppervlak.

Denk in verdiepingen: klimmers tegen de schutting, struiken in de border, en bodembedekkers als vossenbes eronder. Zo oogst je op drie niveaus in dezelfde meter.

Wat past er goed in een palletbak op het terras van 120 x 100 x 80 cm, volle zon in de zomer en geen zon in de winter?

Die maat is een cadeau: 80 cm diep is meer dan genoeg voor bijna alles, en zon in de winter is voor bladverliezende planten helemaal niet nodig. Ze slapen dan toch.

Onze indeling voor die bak: achterin één moerbei ‘Mojo Berry’ of een vijg als hoogtepunt, daarvoor twee honingbessen (die hebben elkaar nodig voor bestuiving, dus altijd twee verschillende rassen) en langs de rand gele kruipframboos of vossenbes die over de rand mag hangen.

Let op bij zo'n bak: hij moet onderin kunnen afwateren, anders staan de wortels 's winters in het water. Dat is de meest voorkomende reden dat planten in bakken het niet halen.

Wat zijn geschikte planten voor een gewone stadsachtertuin, waarbij biodiversiteit belangrijker is dan productie?

Dan kies je op bloesem, bessen en beschutting in plaats van op kilo's. Onze top voor een stadstuin: krentenboom (bloesem in april, bessen voor vogels, vlammend herfstblad), gele kornoelje (bloeit al in februari, als er verder nog niets te halen valt voor insecten) en vlier (bloesem voor siroop, bessen voor de vogels).

Wil je nog een stap verder: meidoorn in de haag. Weinig planten voeden zoveel soorten als een meidoorn.

Wat zijn ideale planten voor kleinere, halfzonnige tuinen?

Halfzon is voor kleinfruit eerder een voordeel dan een probleem: de bessen verbranden niet en blijven langer sappig. Onze lijst voor halfzon in weinig ruimte: aalbessen (rood, wit, roze en zwart), kruisbes en jostabes, honingbes, Japanse wijnbes en frambozen.

De Japanse wijnbes is daarbij de mooiste: rode fluweelachtige stelen die in de winter ook nog decoratief zijn.

We hebben 350 m² voor tuinplezier en terras. Welke planten raden jullie aan?

Met die ruimte kun je in lagen werken. Ons voorstel: één of twee bomen als ruggengraat (een hazelaar of een fruitboom), daaronder een rij kleinfruit langs de erfgrens, klimmers tegen schutting of pergola en langs het terras de planten waar je in het voorbijgaan van eet.

Precies dat laatste is het geheim van tuinplezier: zet je snoepfruit op loopafstand van de tafel. Een druif over de pergola, een roze aalbes naast de trap.

Welke eetbare planten kun je goed in een pot houden?

Deze doen het in een pot echt goed. Op de honingbes na zijn het allemaal zelfbestuivers, dus daar heb je aan één plant genoeg:

Vuistregel voor de pot: minimaal 40 liter voor kleinfruit, 60 tot 80 liter voor een boompje. Hoe groter de pot, hoe minder vaak je hoeft te gieten. En een pot droogt in de zomer snel uit, dus water geven is hier het echte werk, niet het snoeien.

Lees de complete potgids

Schaduw en weinig zon

Bestaat er een eetbare plant die in de schaduw kan én wintergroen blijft?

Ja, en het is een van onze mooiste planten: de vossenbes ‘Koralle’. Blijft 20 tot 30 cm, is het hele jaar groen, verdraagt halfschaduw en geeft twee keer per jaar rode bessen die je verwerkt tot compote bij wild of kaas.

Wel één voorwaarde: hij wil zure grond met een hoog organisch stofgehalte, net als blauwe bes. In een pot met zure potgrond gaat dat het makkelijkst.

Een tweede optie is de braam ‘Thornless Evergreen’, die houdt zijn blad in zachte winters grotendeels vast en is bovendien doornloos.

Ik heb een plek tegen de schutting onder leibomen, ongeveer vier tot vijf uur zon per dag. Wat kan daar?

Vier tot vijf uur zon is prima, daar kan het meeste kleinfruit uit de voeten. Tegen een schutting zouden wij een braam ‘Chester Thornless’ leiden, die is doornloos en laat in het seizoen, dus je oogst nog in september.

Eén ding om rekening mee te houden: onder leibomen is de grond vaak droog, want die bomen drinken mee. Graaf ruim, meng flink compost door en geef het eerste jaar consequent water. Een dikke mulchlaag helpt hier meer dan bemesting.

Ik wil fruit planten op een plek waar amper zon komt. Welk fruit kan daar?

Amper zon is lastiger dan halfschaduw, maar niet kansloos. De taaiste in onze collectie zijn rode en witte aalbes, kruisbes en Japanse wijnbes. Ze geven op zo'n plek minder kilo's dan in de zon, maar wel echt bessen.

Eerlijk erbij: onder twee tot drie uur licht per dag wordt het teleurstellend. Meet eerst een dag lang hoeveel uur licht die plek echt krijgt voor je plant. Dat scheelt een hoop.

Ik zoek iets voor mijn bostuin met halfschaduw, liefst niet te zuur. Ik heb al bosbes en braam.

Dan zit je met bosbes al aan de zure kant, dus voor de rest van de tuin heb je gelijk dat je iets anders wilt. Op gewone bosgrond met halfschaduw doen deze het goed: gele kornoelje (bloeit in februari, oogst in de nazomer), krent, jostabes en Japanse wijnbes.

De gele kornoelje is voor een bostuin onze absolute aanrader: hij hoort van nature thuis in de bosrand, wordt nauwelijks ziek en de vruchten smaken als een kruising tussen kers en cranberry.

Welke planten doen het goed in een tuin op het noorden?

Een tuin op het noorden is bijna nooit echt donker: de zon komt er 's ochtends en 's avonds wel bij, en verder is het licht zonder felle zon. Daar zijn de bosrandsoorten aan gewend. Ga voor rode aalbes, witte aalbes, kruisbes en jostabes, Japanse wijnbes en honingbes.

Wat je daar níet moet zetten: perzik, abrikoos, druif en vijg. Die hebben warmte nodig, niet alleen licht.

Rijen planten, voedselbos, bodem en vogels

Hoe hou ik de vogels tegen? Hier kunnen we geen braam plukken.

Herkenbaar, en het goede nieuws is dat het oplosbaar is. Wat werkt:

  • Fijnmazig net op afstand van de plant. Belangrijk: span het over een frame, niet los over de struik. Los liggend net is een valstrik waar vogels in verstrikt raken. Gebruik net met mazen kleiner dan 2 cm.
  • Een fruitkooi als je meerdere struiken hebt. Meeste werk in het begin, daarna jarenlang klaar.
  • Afleiding planten. Zet er een krentenboom of vlier bij als vogelvoer. Die rijpen eerder, en de vogels gaan meestal voor het makkelijkste.

Wat níet werkt: blinkende cd's, plastic roofvogels en linten. Vogels hebben dat binnen een week door.

Ik ben recent gestart met een voedselbos. De bovenste laag is prima, dieper zit kleigrond. Welke soorten kunnen daar?

Klei in de ondergrond is minder erg dan het klinkt, zolang het water weg kan. De soorten die daar goed mee omgaan en die wij zouden planten:

Wat je op klei níet moet zetten: blauwe bes, vossenbes en cranberry. Die willen zure, luchtige grond met een hoog organisch stofgehalte en gaan op klei kwijnen. Als je die toch wilt, zet ze in een aparte bak of pot.

Twee stikstofbinders die in elk voedselbos hun geld waard zijn: erwtenstruik en olijfwilg.

Ik wil dit najaar zo'n 30 tot 40 meter kleinfruit in rijen planten. Hebben jullie tips?

Mooi plan, en het najaar is er precies het goede moment voor. Onze tips:

  • Bestel als kaal wortelgoed. Dat is voordeliger, lichter te hanteren en wortelt beter in dan planten in pot. Bekijk het kaalwortelgoed.
  • Plantafstand: aalbes, kruisbes en jostabes op 1,25 tot 1,5 m, frambozen op 40 tot 50 cm, bramen op 2 tot 2,5 m. Rijen op 2,5 tot 3 m uit elkaar, zodat je er met een kruiwagen tussendoor kunt.
  • Zet rijen noord-zuid, dan krijgt beide kanten van de rij zon.
  • Spreid je oogst: honingbes (mei), aalbes en kruisbes (juni en juli), zomerframboos (juli), braam (augustus en september), herfstframboos (september en oktober).
  • Doe de bodem eerst. Grondbewerking en compost aanbrengen doe je vóór het planten, daarna kun je er niet meer bij.

Bij grotere aantallen kijken we graag mee met een plantplan. Stuur ons een bericht met de lengte, breedte, grondsoort en hoeveel zon je hebt.

Welke planten gedijen goed in een wadi?

Een wadi is een lastige standplaats, want de plant moet zowel natte voeten als droogte kunnen verdragen. In ons assortiment is de vlier daar het meest geschikt voor: die groeit van nature op vochtige, voedselrijke plekken en verdraagt tijdelijke wateroverlast prima.

Op de rand van de wadi, waar het niet lang plas blijft staan, kun je verder appelbes en meidoorn zetten.

Wat je in de natste zone beter niet zet: fruitbomen, hazelaar en al het kleinfruit dat je in de winter droog wilt houden. Die verdragen langdurig natte voeten slecht.

Bestellen, wortelgoed en bezorgen

Hoe ziet dat wortelgoed eruit? Past het in een auto?

Kaal wortelgoed is precies wat de naam zegt: een plant zonder pot en zonder grond, met de kale wortels bloot. Een bessenstruik is ongeveer 40 tot 60 cm hoog met een wortelpluim van 20 tot 30 cm, dus dat gaat in elke kofferbak. Bomen zijn langer: reken op 1,5 tot 2 m staaflengte.

Voor de auto: leg een zeil of vuilniszak neer, klap de achterbank plat en zet bomen schuin. Wortels moeten onderweg niet uitdrogen, dus houd ze in de zak of doek gewikkeld en plant zo snel mogelijk. Lukt planten niet meteen, kuil ze dan tijdelijk in.

Maakt het qua grootte van de plant veel uit of je wortelgoed of pot bestelt?

Voor de plant zelf niet zoveel, voor je portemonnee en voor het aanslaan wel. Een plant in pot ziet er bij levering voller uit, want hij staat al in blad. Kaal wortelgoed komt zonder grond en zonder blad, en oogt dus kaler, maar het is dezelfde plantmaat en vaak zelfs een steviger wortelgestel.

Kaal wortelgoed is voordeliger, duurzamer om te versturen en wortelt in de winterrust beter in. Nadeel: het is alleen leverbaar van ongeveer oktober tot maart, en je moet vrij snel na levering planten.

Lees alles over kaal wortelgoed

Verzenden jullie al naar Zweden?

Nog niet. We verzenden op dit moment naar Nederland en België. Voor levende planten gelden bovendien plantenpaspoort- en fytosanitaire regels per land, dus uitbreiden naar andere landen is voor ons niet zomaar een kwestie van een verzendzone aanzetten.

We houden het wel in de gaten. Stuur ons gerust een bericht, dan zetten we je op de lijst en laten we het weten zodra het kan.

Vragen over specifieke soorten

Ik had twee kiwibessen tegen de schutting geplant, maar er is er één afgestorven. Wat is een alternatief?

Wat balen. Eerst het belangrijkste: bij de meeste kiwibessen heb je een mannelijke en een vrouwelijke plant nodig. Als de mannelijke is doodgegaan, krijgt de overgebleven plant geen vruchten meer. Plant er dan een ‘Weiki’ bij, dat is de mannelijke bestuiver.

Wil je dat gedoe niet meer: kies een zelfbestuivende kiwibes als ‘Issai’, dan heb je aan één plant genoeg. Zoek je een heel ander alternatief tegen die schutting: een doornloze braam of een druif.

Nog een tip: kiwibessen sterven meestal af door natte voeten in de winter of door uitdroging in het eerste jaar. Check de drainage voor je opnieuw plant.

Ik wil graag een paw paw proeven voordat ik twee bomen aanschaf. Tips?

Heel verstandig, want paw paw is een smaak waar mensen echt over verdeeld zijn: romig, tussen banaan, mango en vanille in, met een custardachtige structuur. Je houdt ervan of je vindt het te zwaar.

Proeven is lastig, want de vrucht is zeer slecht houdbaar en je vindt hem niet in de winkel. De route die werkt: bezoek in september of oktober een voedselbos of proeftuin met paw paw, of vraag rond in de voedselbos-community wanneer er geoogst wordt.

Over de twee bomen heb je gelijk: paw paw's zijn kruisbestuivers, dus je hebt minimaal twee verschillende rassen nodig. Kijk in onze collectie bijzondere fruitbomen, we hebben er dertien. Meer achtergrond staat in ons artikel Pawpaw telen en oogsten.

Ik zoek een druivensoort om langs de poort bij de schuur te leiden, om van te snacken met de kinderen.

Voor snacken met kinderen wil je een pitloze of pitarme tafeldruif. Onze aanraders: druif ‘Vanessa’ (rood en écht pitloos, de beste keuze voor kinderhandjes) en ‘Himrod’ (wit, pitloos, honingzoet). Wil je liever een klassieker met grote blauwe trossen: ‘Boskoop Glory’, die is heel betrouwbaar in ons klimaat en weinig ziektegevoelig.

Langs een poort werkt een druif prachtig, maar reken op één snoeibeurt per winter. Zonder snoei krijg je veel blad en weinig druiven.

Kan ik in België een perzik in een open tuin zetten, qua ziektegevoeligheid?

Ja, dat kan, maar kies je ras met zorg. De grote boosdoener is krulziekte, en die slaat toe bij koud, nat weer in het vroege voorjaar. Neem daarom perzik ‘Avalon Pride’, die staat bekend om zijn goede weerstand tegen krulziekte, of ‘Harrow Beauty’, ook een ziektesterk ras.

Zet hem op de warmste plek die je hebt, het liefst tegen een zuidmuur, en zorg dat er 's winters geen regen op de knoppen valt. Een afdakje of een stuk folie boven de boom van januari tot mei scheelt enorm.

Waarom hebben jullie alleen witte aalbessen?

Die hebben we gelukkig niet alleen. We voeren rode, witte, roze én zwarte aalbessen: rode ‘Jonkheer van Tets’, ‘Rovada’, ‘Rosetta’, ‘Rolan’ en ‘Junifer’, witte ‘Witte Hollander’, ‘Witte Parel’ en ‘Werdavia’, roze ‘Gloire des Sablons’ en ‘Pink Champagne’, en zwarte ‘Ben Sarek’, ‘Titania’, ‘Ben Nevis’ en meer.

Waarschijnlijk zag je een moment waarop vooral de witte op voorraad stonden. Bekijk de hele collectie bessenstruiken, dan zie je alle kleuren.

Wat zouden jullie toevoegen aan een witte aalbes, wijnbes en braam die er al staan?

Je hebt nu de zomer en de nazomer goed gedekt. Wat ontbreekt is het begin en het einde van het seizoen. Wij zouden toevoegen:

  • Een honingbes (of twee, ze hebben elkaar nodig) voor de allereerste oogst in mei.
  • Een kruisbes voor juni en juli, en omdat de smaak echt anders is dan alles wat je al hebt.
  • Een herfstframboos zoals ‘Himbo Top’, die draagt door tot de eerste nachtvorst.

Dan pluk je van mei tot en met oktober onafgebroken uit je eigen tuin.

Welk aardbeienras kan ik het beste nemen dat doordragend is, en kan ik in het najaar planten?

Eerlijk antwoord: aardbeiplanten hebben wij niet in het assortiment, dus daar kunnen we je niet aan helpen. Wat we wel hebben en wat er qua smaak dichtbij komt, is de aardbeiframboos: een lage struik van 40 tot 80 cm met grote rode vruchten die je vers eet of tot jam verwerkt, zelfbestuivend en winterhard.

Over de planttijd in het algemeen: het najaar is voor bijna al ons kleinfruit juist de beste periode. De plant wortelt dan rustig in en staat in het voorjaar meteen klaar.

Welke eetbare plant is het meest geschikt om in een border met (sier)planten te zetten?

Je wilt iets dat in een border niet uit de toon valt en niet gaat overheersen. Drie die dat goed doen:

Wat we in een gemengde border zouden vermijden: frambozen, want die maken uitlopers door de hele border heen.

Welke eetbare planten hebben pitjes zoals kiwi's, en niet die van een framboos?

Leuke vraag, want dat verschil in mondgevoel is precies waarom sommige mensen frambozen niet lekker vinden. Die kleine, zachte, gelijkmatig verdeelde pitjes zoals in kiwi vind je bij: kiwibes (logisch, familie), vijg (piepkleine knapperige zaadjes door het vruchtvlees) en goji.

De korrelige pitjes van framboos en braam komen doordat het steenvruchtjes zijn, elk met een eigen pit. Wil je dat juist vermijden, blijf dan ook weg bij tayberry en loganbes.

Weinig onderhoud, geen doornen, niet woekeren

Ik zoek kindvriendelijke planten zonder stekels.

Dit zijn onze doornloze soorten, allemaal veilig voor grabbelende handjes:

Zoetste keuze voor kinderen: de roze aalbes ‘Gloire des Sablons’. Die is zo mild dat kinderen die vaak lekkerder vinden dan rode aalbes.

Is er een soort die je niet hoeft te snoeien?

De honingbes komt daar het dichtst bij. De eerste zes tot acht jaar hoef je er letterlijk niets aan te doen, daarna haal je af en toe een oud tak weg. Ook nauwelijks snoei nodig: krent en appelbes en gele kornoelje.

Aan de andere kant van het spectrum staan frambozen, bramen en druiven. Die vragen elk jaar aandacht, want anders verwildert het. Weet dus vooraf waar je aan begint.

Wat is een aanrader voor lekkere bessen die niet te hard woekeren en geen of weinig doorn hebben?

Dan kom je uit bij de struiken die netjes op hun plek blijven: aalbessen (rood, wit, roze, zwart), jostabes ‘Josta’ (doornloos, kruising tussen zwarte bes en kruisbes), kruisbes ‘Hinnonmäki Rood’ en honingbes (geen doornen, geen uitlopers).

Wat wél woekert en waar je dus bewust voor kiest: frambozen (uitlopers door de hele border) en gewone bramen. Wil je toch braam, neem dan een doornloze en zet hem tegen een draad, dan houd je hem in bedwang.

Wat zijn de verschillen tussen de braamsoorten die jullie hebben? Ik kan niet kiezen.

Terechte vraag, we hebben er achttien. De belangrijkste verschillen zitten in doornen, oogsttijd en formaat:

Kun je echt niet kiezen: neem ‘Navaho’ als je weinig ruimte hebt, en ‘Triple Crown’ als je ruimte zat hebt en veel wilt oogsten.

Welke bomen en struiken zijn het makkelijkst in onderhoud?

Onze onderhoudsarme lijst, op volgorde van makkelijk naar iets meer werk:

Vermijd als je weinig tijd hebt: perzik en abrikoos (krulziekte en vorstschade aan de bloesem) en druiven (jaarlijkse snoei is echt nodig).

Brood en pizza (37)

Gist & desem

Gist of zuurdesem: wat moet ik kiezen?

Het verschil zit in tijd en smaak. Gist werkt snel en doet altijd wat je verwacht. Desem heeft meer tijd nodig, geeft een vollere, licht zure smaak, een steviger korst en brood dat langer goed blijft.

Voor beginners: gist. Niet omdat desem moeilijk is, maar omdat je bij gist sneller ziet wat je fout doet. Als je drie of vier gistbroden hebt gebakken, herken je goed gerezen deeg, en dat is precies wat je bij desem nodig hebt.

Ze sluiten elkaar niet uit. Wij bakken doordeweeks met gist en in het weekend met desem.

Hoe maak ik zelf een zuurdesemstarter?

Meel en water, meer niet. Meng in een schone pot 50 gram volkorenmeel met 50 gram lauw water en laat hem los afgedekt op kamertemperatuur staan.

Vanaf dag twee gooi je elke dag het grootste deel weg en voer je wat overblijft met 50 gram meel en 50 gram water. Dat weggooien voelt zonde, maar zonder dat blijft je pot groeien en verzuurt hij.

Dag drie en vier gebeurt er vaak van alles, en daarna lijkt het even dood. Dat is normaal. Ga gewoon door. Na zeven tot tien dagen verdubbelt hij binnen vier tot zes uur na het voeren en ruikt hij fris zurig, als yoghurt. Dan is hij klaar.

Gebruik volkoren of rogge om te starten, dat gaat sneller dan met witte bloem. Kraanwater is prima. Een deegklopper is handig om door te roeren zonder dat alles blijft plakken.

Hoe onderhoud ik mijn starter? Moet dat echt elke dag?

Nee. Elke dag voeren is alleen nodig als je hem op het aanrecht bewaart en bijna dagelijks bakt.

Bak je één keer per week, zet hem dan in de koelkast en voer hem één keer per week. Voor je gaat bakken haal je hem er een dag eerder uit en voer je hem twee keer, dan is hij weer op kracht.

Een starter is veel taaier dan mensen denken. Twee weken vergeten in de koelkast overleeft hij bijna altijd. Er staat dan een laagje donker vocht bovenop (hooch): gewoon eraf gieten, weggooien op één eetlepel na, en twee keer voeren.

Tip. Langer weg? Smeer een dun laagje starter uit op bakpapier, laat het drogen en verkruimel het. Droog blijft hij maanden houdbaar.

Hoeveel gist gebruik ik, en hoe reken ik verse gist om naar droge gist?

Vuistregel voor instantgist: 5 gram per 500 gram meel, ongeveer een flinke theelepel. Dat is een brood dat in een paar uur klaar is.

  • Laat je het deeg een nacht in de koelkast rijzen, ga dan naar 1 tot 2 gram. Meer gist is dan niet nodig en geeft een gistige smaak.
  • Verse gist naar instantgist: deel door drie. 21 gram verse gist is dus ongeveer 7 gram instant.
  • Instantgist meng je droog door de bloem. Voorweken hoeft niet.

Tip. Minder gist en meer tijd geeft bijna altijd lekkerder brood dan meer gist en minder tijd.

Kan ik gist en desem door elkaar gebruiken?

Dat kan prima. Een gram gist bij een desemdeeg geeft je de smaak van desem met de zekerheid van gist. Bakkers doen het ook, en er is niets mis mee.

Handig als je een nieuwe starter hebt die nog niet op kracht is, of als je op een vaste tijd brood op tafel moet hebben.

Mijn gist doet niets. Hoe weet ik of hij nog goed is?

Test hem apart: los een theelepel gist met een theelepel suiker op in een half kopje lauw water van rond de 35 graden. Na tien minuten hoort er schuim op te staan. Gebeurt er niets, dan is de gist op.

De twee meest voorkomende oorzaken: het water was te heet (boven ongeveer 50 graden gaat gist dood) of het pak stond al maanden open in het keukenkastje. Bewaar een geopend pak luchtdicht in de koelkast, daar blijft hij zo'n zes weken goed. In de vriezer ongeveer een half jaar.

Zout doodt gist ook, maar alleen bij direct contact. Strooi ze aan verschillende kanten in je kom.

Mijn starter komt niet omhoog of ruikt naar nagellak. Wat nu?

Die acetongeur betekent honger, niet ziekte. Je starter heeft alles opgegeten en produceert nu alcohol. Voer hem vaker of met een grotere verhouding, bijvoorbeeld één deel starter op vijf delen meel en vijf delen water.

Komt hij helemaal niet omhoog, kijk dan naar de temperatuur. Onder de 20 graden gebeurt er weinig. In de winter staat onze pot in de oven met alleen het lampje aan, of op de koelkast.

Roze of oranje strepen, of een pluizige schimmel op het oppervlak: dan weggooien en opnieuw beginnen. Dat is het enige geval waarin je moet stoppen.

Bakken

Heb ik een gietijzeren pan nodig? En hoe krijg ik stoom in een gewone oven?

Wat je nodig hebt is niet gietijzer, maar stoom. In de eerste tien minuten houdt stoom de buitenkant soepel zodat het brood kan uitzetten. Zonder stoom stolt de korst te vroeg en blijft je brood klein en dof.

Manieren om aan stoom te komen, van goedkoop naar luxe:

  • Braadpan met deksel. Voorverwarmen, deeg erin, twintig minuten met deksel, dan zonder. Werkt uitstekend en heb je waarschijnlijk al.
  • Bakblik met heet water onderin de oven, plus een paar keer sproeien met een plantenspuit. Minder effectief, maar het scheelt.
  • Bakschelp. Zelfde effect, maar licht en je hoeft niet voor te verwarmen.

Bakt het steeds bleek vanonder? Een bakstaal lost dat op. Deeg in een hete pan laten zakken zonder je vingers te branden gaat het makkelijkst met een bread sling.

Kan ik brood bakken in een heteluchtoven, airfryer of broodbakmachine?

Hetelucht: ja, maar zet hem 15 tot 20 graden lager dan het recept zegt en bak liefst met boven- en onderwarmte als je oven dat kan. Hetelucht droogt de korst sneller uit, dus stoom is dan extra belangrijk.

Airfryer: kan, voor kleine broodjes tot ongeveer 400 gram. Rond 160 tot 180 graden. Een groot brood wordt vanbuiten donker en vanbinnen rauw.

Broodbakmachine: prima voor busbrood, en instantgist werkt daar gewoon in. Je krijgt alleen nooit de korst van een ovenbrood. Wat veel mensen doen: het deeg in de machine laten kneden en rijzen, en het daarna vormen en in de oven bakken.

Op welke temperatuur en hoe lang bak ik brood? En hoe weet ik of het gaar is?

Heet. Veel heter dan mensen denken. Voor een vrij gevormd brood: 230 tot 250 graden, eerst twintig minuten afgedekt of met stoom, daarna twintig tot vijfentwintig minuten open tot de korst diep bruin is.

Busbrood mag iets lager, rond 200 tot 220 graden, ongeveer dertig tot veertig minuten.

Gaar is een getal, geen gevoel: 92 tot 96 graden in de kern. Met een thermometer prik je even en weet je het zeker. Zonder thermometer: klop op de onderkant, het hoort hol te klinken.

Tip. Bruiner durven bakken is de makkelijkste verbetering die de meeste mensen kunnen maken. Bijna alle smaak van een brood zit in de korst.

Waarom is mijn korst bleek, of juist keihard?

Bleek en zacht: te lage temperatuur, te kort gebakken, of te veel stoom tot het einde. Haal het deksel of de kap er na twintig minuten af en bak door tot het echt bruin is.

Keihard of taai: meestal te lang zonder stoom, of het brood is in de oven blijven staan om af te koelen. Haal het er direct uit en laat het op een rooster afkoelen, niet op een plank, anders wordt de onderkant klef.

Een knapperige korst wordt na een paar uur vanzelf zachter, doordat het vocht uit de kruim naar buiten trekt. Dat is normaal. Vijf minuten in een hete oven maakt hem weer krokant.

Vormen

Heb ik een rijsmandje nodig, en welke maat moet ik hebben?

Nodig is het niet, handig wel. Vrij gevormd deeg zakt tijdens de laatste rijs uit tot een pannenkoek. Het mandje houdt het rechtop en het riet onttrekt vocht aan de buitenkant, waardoor je een huid krijgt die je netjes kunt insnijden.

Kies op deeggewicht, niet op broodgewicht. Een standaardrecept met 500 gram meel geeft ongeveer 800 gram deeg.

  • Rond Ø20 cm: 500 tot 750 gram deeg. Voor de meeste mensen de juiste eerste maat.
  • Rond Ø24 cm: 800 tot 1000 gram, weekendbrood voor een gezin.
  • Ovaal 30 x 15 cm: 700 tot 900 gram. Ovaal snijdt makkelijker in gelijke boterhammen.

Rond of ovaal is puur smaak. Ovaal is praktischer als je het brood als boterham eet, rond staat mooier op tafel.

Tip. Mandje nooit wassen. Uitkloppen, laten drogen en af en toe uitborstelen met een schoonmaakborstel. Water in het riet geeft schimmel.

Mijn deeg blijft in het mandje plakken. Hoe voorkom ik dat?

Bestuif het mandje royaal, en gebruik rijstebloem in plaats van tarwebloem. Rijstebloem neemt geen water op en gaat dus geen laagje deeg vormen. Een mengsel van half tarwe, half rijst werkt ook prima.

Werk je met natte degen, dan is een linnen hoes de zekerste oplossing. Die geeft meteen een gladde korst zonder de ringen van het riet, als je die liever niet hebt.

Waarom moet je brood insnijden en hoe doe je dat?

Brood zet in de eerste minuten in de oven flink uit. Als je niets doet, scheurt het open op de zwakste plek, vaak lelijk aan de zijkant. Met een snee bepaal je zelf waar dat gebeurt.

Praktisch: één diepe snee van ongeveer een centimeter, in een hoek van 30 graden ten opzichte van het oppervlak, in één vloeiende beweging. Die schuine hoek geeft het randje dat omkrult, het bekende oor.

Een gewoon keukenmes werkt niet, dat sleept en drukt het deeg plat. Een deegmesje met scheermesje glijdt er zo doorheen. Voor fijnere patronen zoals korenaren is het ronde UFO-mesje makkelijker, omdat je met je vingertoppen vlak boven het deeg stuurt.

Snijd altijd koud deeg in. Recht uit de koelkast gaat veel netter dan deeg van kamertemperatuur.

Bewaren

Hoe bewaar ik mijn brood zodat het langer goed blijft?

Snijvlak naar beneden op de plank, met een doek erover of in een broodtrommel. Dat houdt de korst knapperig en de kruim zacht.

Niet in de koelkast. Brood wordt daar juist sneller oudbakken, sneller dan op het aanrecht. Plastic houdt het langer zacht maar maakt de korst slap, dus dat is een keuze.

Zelfgebakken brood zonder conserveermiddel blijft twee tot drie dagen goed. Desembrood langer, tot wel vijf dagen, omdat de zuurgraad schimmel afremt. Meer hierover in brood bewaren.

Kan ik brood invriezen?

Ja, en dat is verreweg de beste manier om brood te bewaren. Laat het volledig afkoelen, snijd het in plakken en vries het in een zak of doos in. Dan pak je precies wat je nodig hebt.

Ontdooien hoeft niet: bevroren sneetjes gaan zo de broodrooster in. Een heel brood ontdooi je op het aanrecht en warm je tien minuten op in een oven van 180 graden. Dan is het bijna niet van vers te onderscheiden.

Pizza & focaccia

Hoe krijg ik een krokante pizzabodem in een gewone oven?

Het probleem van een huisoven is dat hij op 250 graden stopt, terwijl een pizzaoven 450 doet. Je compenseert dat met een ondergrond die veel warmte vasthoudt.

  • Zet een bakstaal of pizzasteen in de oven en verwarm minstens 45 minuten voor op de hoogste stand. Staal geleidt sneller dan steen en geeft dus een krokantere bodem.
  • Beleg zuinig. Te veel saus en te natte mozzarella maken de bodem slap, wat je verder ook doet.
  • Bestuif je pizzaschep met semola in plaats van bloem. Die korrel rolt, dus je pizza glijdt eraf in plaats van te blijven plakken.

Zet de grill de laatste minuut aan voor de bruine vlekken op de rand.

Wat is het verschil tussen brooddeeg en pizzadeeg?

De ingrediënten zijn bijna hetzelfde, de behandeling niet. Pizzadeeg heeft minder water, wordt beter ontwikkeld zodat het zich dun laat uitrekken zonder te scheuren, en rijst langer op een koele plek.

Voor pizza gebruik je bloem met meer eiwit, zoals onze pizzabloem. Dat sterkere glutennetwerk is precies wat je nodig hebt om een bodem flinterdun uit te trekken.

Recepten: pizzadeeg maken en focaccia maken. Focaccia is juist het omgekeerde: heel nat deeg, veel olijfolie, en je hoeft er niets aan te vormen. Een fijn recept om mee te beginnen.

Meel & bloem

Hoe krijg ik volkorenbrood luchtig in plaats van compact?

Volkoren wordt compact omdat de scherpe zemeldeeltjes het glutennetwerk doorsnijden en omdat ze veel water opnemen. Drie dingen helpen:

  • Meer water. Volkoren heeft zo'n 5 tot 10 procent meer vocht nodig dan witte bloem.
  • Weken. Meng meel en water en laat dat een half uur staan voor je zout en gist toevoegt. De zemel wordt zachter en snijdt minder.
  • Mengen. Half volkoren, half T65 geeft een brood dat volkoren smaakt maar wel opkomt.

Hoe wij het doen zie je in volkorenbrood bakken. Wil je alleen meer vezels zonder de structuur te verliezen: vervang 5 tot 10 procent van je meel door tarwezemelen.

Kan ik glutenvrij bakken met jullie meel?

Nee. Alle tarwe-, spelt- en roggeproducten die wij verkopen bevatten gluten. Ons volkoren rijstmeel is van nature glutenvrij, maar het wordt gemalen in een molen waar ook graan met gluten doorheen gaat. Voor wie strikt glutenvrij moet eten is het daarom niet geschikt.

Glutenvrij brood bakken is bovendien een heel ander vak: zonder gluten heb je bindmiddelen en andere technieken nodig. Daar hebben wij geen recepten voor.

Wat is het verschil tussen bloem en meel? En tussen tarwe, spelt en rogge?

Meel is de hele korrel gemalen, met zemel en kiem. Bloem is meel waar die zemel en kiem uit gezeefd zijn. Bloem geeft luchtiger brood, meel geeft meer smaak en vezels.

De T-nummers zeggen hoeveel van de korrel erin zit. Hoe hoger het nummer, hoe voller: T65 is licht, T150 is volkoren.

  • Tarwe: sterkste gluten, meest voorspelbaar.
  • Spelt: fijnere smaak, maar de gluten zijn brozer. Kneed korter en gebruik iets minder water, anders zakt je deeg in.
  • Rogge: bijna geen glutennetwerk. Een puur roggebrood wordt altijd dicht en plakkerig, en dat hoort zo. Meng je 10 tot 20 procent rogge door tarwe, dan krijg je smaak zonder een baksteen.

Welk meel of welke bloem kan ik het beste gebruiken?

Voor een gewoon wit brood: een tarwebloem met wat karakter. Onze tarwebloem T65 zit tussen witte patentbloem en volkoren in. Meer smaak en vezels dan wit, maar nog steeds luchtig.

  • T65: alledaags brood, desem, busbrood, stokbrood.
  • T150 volkoren: voller en moutiger. Meestal gemengd met T65, niet puur.
  • Pizzabloem: hoger eiwitgehalte, sterkere glutenstructuur. Voor pizza, focaccia en ciabatta.

Supermarktbloem werkt ook, maar let op het eiwitgehalte op de verpakking. Onder de 10 procent krijg je een slap deeg dat moeilijk overeind blijft.

Rijzen

Hoe lang moet mijn deeg rijzen?

Kijk naar je deeg, niet naar de klok. Elk recept noemt een tijd, maar die klopt alleen bij de temperatuur van de keuken van de schrijver.

Als vuistregel bij gist en kamertemperatuur: de eerste rijs duurt één tot twee uur, tot het deeg ongeveer verdubbeld is. De tweede rijs, na het vormen, duurt drie kwartier tot anderhalf uur.

Temperatuur bepaalt alles. Bij 18 graden duurt het twee keer zo lang als bij 26 graden. Vandaar dat brood in de winter zoveel trager is dan in de zomer, met precies hetzelfde recept.

Hoe weet ik of mijn deeg genoeg gerezen is?

Duw met een natte vinger een kuiltje in het deeg.

  • Veert meteen helemaal terug: nog niet klaar, geef het tijd.
  • Veert langzaam half terug: precies goed, de oven in.
  • Blijft staan en het deeg zakt eromheen in: te ver doorgerezen.

Te ver doorgerezen deeg gaat in de oven niet meer omhoog en wordt plat met een dichte kruim. Je kunt het redden door het opnieuw op te bollen, een half uur te laten rusten en dan te bakken. Het wordt niet je mooiste brood, maar wel gewoon eetbaar.

Kan ik het deeg een nacht in de koelkast laten staan?

Ja, en het is meestal beter. Koud rijzen verloopt langzaam, en in die tijd ontwikkelt zich smaak die je bij een snelle rijs op het aanrecht niet krijgt. Bovendien is koud deeg veel makkelijker te vormen en in te snijden.

Zo doen wij het: deeg maken en vormen in de avond, in het rijsmandje afgedekt de koelkast in, en de volgende ochtend zo uit de koelkast de hete oven in. Niet op temperatuur laten komen.

Gebruik dan wel minder gist, 1 tot 2 gram per 500 gram meel. Twaalf tot zestien uur is een prima venster.

Mijn deeg rijst niet. Wat gaat er mis?

In volgorde van waarschijnlijkheid:

  • Te koud. Verreweg de meest voorkomende reden. Onder 18 graden gebeurt er bijna niets. Zet de kom in de oven met alleen het lampje aan.
  • Gist op of doodgemaakt. Te heet water of zout er direct bovenop.
  • Te weinig tijd. Zeker bij desem, of bij weinig gist met een koude keuken.
  • Desem nog niet op kracht. Een starter die zelf niet verdubbelt, tilt ook je deeg niet op.

Bijna altijd is de oplossing: langer wachten en warmer wegzetten. Weggooien hoeft zelden.

Beginnen

Hoeveel tijd kost een zelfgebakken brood echt?

Actief ben je een half uur kwijt, verdeeld over de dag. De rest is wachten, en tijdens dat wachten kun je gewoon iets anders doen.

Grofweg: gistbrood is klaar in vier tot vijf uur, waarvan tien tot twintig minuten werk. Een snel brood in de busvorm kan binnen twee uur. Desembrood loopt over anderhalve dag, maar dat is bijna allemaal onbewaakte rijstijd in de koelkast.

Het is dus geen kwestie van veel tijd, maar van thuis zijn op een paar momenten. Daarom is de koelkastrijs zo prettig: die verplaatst het wachten naar de nacht.

Ik heb nog nooit brood gebakken. Waar begin ik?

Begin met gist, niet met desem. Gist is voorspelbaar, je bent binnen een halve dag klaar en je hebt meteen een brood waar je iets van leert. Desem kun je daarna altijd nog.

Het simpelste recept is bloem, water, zout en gist, in een busvorm. Geen vormtechniek nodig, geen pan, geen mandje. Kijk er onze video Brood bakken voor beginners bij, dan zie je precies hoe het deeg eruit hoort te zien. Wil je vandaag nog brood op tafel: snel brood bakken.

Wil je in één keer alles in huis hebben, dan is ons startpakket brood bakken daarvoor gemaakt: rijsmandje, linnen hoes, bloem, gist, deegkrabber en een deegmesje.

Tip. Bak je eerste vier broden met precies hetzelfde recept. Dan zie je wat jouw keuken en jouw oven ermee doen. Dat leert je meer dan vier verschillende recepten.

Is zelf bakken goedkoper dan brood kopen?

Aan ingrediënten kost een brood van 500 gram meel je ongeveer twee euro, en dan bak je met goede bloem. Een vergelijkbaar ambachtelijk brood bij de bakker is duurder.

Reken de spullen mee en dan duurt het even voor je uit bent, maar een rijsmandje en een deegmesje gaan jaren mee. De eerlijke reden om zelf te bakken is meestal niet de prijs: het is dat je weet wat erin zit en dat het lekkerder is.

Wat heb ik minimaal nodig? Kan het ook zonder speciale spullen?

Ja. Voor een goed brood heb je nodig: een kom, een weegschaal, een oven en je handen. Alles wat daarna komt maakt het makkelijker of mooier, niet beter.

Als je toch iets koopt, dan in deze volgorde:

Een keukenmachine hoef je niet te hebben. Wij kneden het meeste met de hand.

Deeg

Hoeveel water hoort er in mijn deeg?

Water reken je als percentage van het meel. 350 gram water op 500 gram meel is 70 procent hydratatie.

  • 60 tot 65 procent: stevig deeg, makkelijk te hanteren. Begin hier.
  • 70 procent: het klassieke desembrood. Plakkerig, maar te doen.
  • 75 tot 80 procent: grote onregelmatige gaten, en deeg dat overal aan blijft plakken. Doe dit niet in je eerste maanden.

Volkoren en rogge nemen meer water op dan witte bloem, dus dezelfde 70 procent voelt bij volkoren veel droger aan. Ga af op hoe het deeg voelt, niet alleen op het getal.

Hoeveel zout, en kan het zonder?

2 procent van het meelgewicht, dus 10 gram op 500 gram meel. Dat is bijna altijd de juiste hoeveelheid.

Zout doet meer dan smaak: het remt de gisting af en maakt het glutennetwerk steviger. Zonder zout rijst je deeg te snel, zakt het in en smaakt het brood flauw. Wil je minder zout, ga dan naar 1,5 procent, maar niet lager.

Zout vergeten en het deeg staat al te rijzen? Kneed het er alsnog doorheen met een klein scheutje water. Beter dan doorgaan.

Mijn deeg is zo plakkerig dat ik er niets mee kan. Doe ik iets fout?

Meestal niet. Plakkerig deeg is normaal bij alles boven de 70 procent water. Wat helpt:

  • Natte handen in plaats van bloem. Deeg plakt niet aan nat.
  • Een deegsteker om het deeg van het werkblad te tillen in plaats van je vingers.
  • Wachten. Na de eerste rijs is hetzelfde deeg ineens veel handelbaarder.

Blijf van de bloempot af. Elke schep extra bloem die je erdoor werkt maakt je brood droger en compacter, en lost het plakken maar heel even op.

Moet ik kneden, en hoe lang?

Kneden doet één ding: het glutennetwerk opbouwen zodat je deeg gas kan vasthouden. Dat kan op twee manieren.

Kneden: acht tot tien minuten met de hand, vier tot zes minuten in de machine. Je bent klaar als het deeg glad is en niet meer scheurt als je er zachtjes aan trekt.

Vouwen: helemaal niet kneden, maar het deeg tijdens de eerste rijs drie of vier keer met een half uur ertussen oppakken en over zichzelf heen vouwen. Kost je vier keer twintig seconden en werkt net zo goed, vooral bij natte degen.

Tip. Deeg dat plakt is bijna nooit deeg dat meer bloem nodig heeft. Wacht tien minuten, dan is het bloem al gaan opnemen en plakt het vanzelf minder.

Als het misgaat

Mijn brood is plat gebleven of heeft een dichte kruim. Wat is er gebeurd?

Bijna altijd één van deze drie:

  • Te ver doorgerezen. Het deeg had zijn kracht al opgebruikt voor het de oven in ging. Doe de vingertest voor je bakt.
  • Te weinig spanning bij het vormen. Als je het deeg niet strak opbolt, heeft het niets om zich aan op te trekken. Bol op, laat het een kwartier rusten, bol nog een keer strak op.
  • Oven niet heet genoeg, of geen stoom. Een brood krijgt zijn hoogte in de eerste tien minuten. Verwarm minstens drie kwartier voor, ook als het lampje eerder uitgaat.

Bakte je met desem, dan is er nog een vierde: een starter die zelf niet betrouwbaar verdubbelt.

Mijn brood is vanbinnen klef en nat.

Twee mogelijkheden, en de eerste is de meest voorkomende: je hebt te vroeg gesneden. Een brood is pas klaar als het is afgekoeld. Tijdens het afkoelen trekt het vocht gelijkmatig door de kruim. Snijd je het warm aan, dan blijft het binnenin plakkerig. Wacht minstens een uur, bij desem twee.

De tweede: het brood was echt niet gaar. Meet de kerntemperatuur, die hoort tussen 92 en 96 graden te liggen.

Bij veel rogge in het deeg hoort een wat vochtige kruim er gewoon bij, dat is geen fout.

Waarom scheurt mijn brood aan de zijkant open?

Dan is de snee te ondiep, of er is helemaal niet ingesneden. Het brood moet ergens heen als het uitzet, en het kiest dan zelf de zwakste plek.

Snijd een centimeter diep, niet een paar millimeter. Andere oorzaak: het deeg was nog niet ver genoeg gerezen en had nog te veel kracht over. Dan barst het met geweld open, meestal aan de onderkant.

Bloembollen en dahlia’s (28)

Planten & tijd

Ben ik te laat? Kan ik in december of januari nog planten?

In december kan bijna altijd nog. In januari vaak ook, zolang de grond niet bevroren is. Bollen die laat de grond in gaan bloeien meestal iets later en soms iets korter, maar ze doen het.

Wat je vooral niet moet doen: ze bewaren tot volgend najaar. Een bol is een levend plantje met een voorraadje voedsel erbij, en dat voorraadje raakt op. Een jaar in een la overleeft hij niet.

Tip. Is de grond bevroren en gaat het nog even duren? Plant ze dan in potten met potgrond en zet die tegen een muur of in een koude kas. In het voorjaar zet je het hele kluitje uit.

Hoe diep plant ik een bol, en welke kant moet naar boven?

Vuistregel: twee tot drie keer de hoogte van de bol. Een bol van 5 centimeter komt dus 10 tot 15 centimeter diep, gemeten van de bovenkant van de bol tot het maaiveld.

De punt naar boven, de platte kant met het wortelaanzet naar beneden. Bij sommige bolletjes, zoals winterakoniet of een knolletje anemoon, zie je nauwelijks welke kant welke is. Leg hem dan op zijn kant. De plant corrigeert dat zelf.

Te ondiep is een veel groter probleem dan te diep. Te ondiep geplante bollen vriezen eerder kapot en worden makkelijker opgegraven.

Hoeveel bollen heb ik nodig voor een border of een pot?

Meer dan je denkt. Bollen staan zelden te dicht, wel te dun.

  • Border, groepje: 40 tot 60 grote bollen (tulp, narcis) per vierkante meter voor een vol effect. In losse groepjes van zeven tot vijftien, geen rijtjes.
  • Verwilderen in gras: 50 tot 100 kleine bolletjes per vierkante meter voor een tapijt.
  • Pot: schouder aan schouder, zolang ze elkaar niet raken. In een pot van 30 centimeter passen makkelijk 20 tulpen.

Gooi ze met een handvol over het bed en plant ze waar ze vallen. Dat ziet er natuurlijker uit dan wat je zelf zou uitmeten.

Wanneer plant ik bloembollen?

Tussen begin oktober en eind december, voor de eerste vorst. De grond moet nog bewerkbaar zijn, dat is het enige echte criterium.

  • Narcissen, krokussen, blauwe druifjes en ander klein spul: vanaf begin oktober. Die maken het liefst nog wat wortels voor de winter.
  • Tulpen: bewust later, vanaf halverwege oktober tot in november. In warme grond is de kans op tulpenvuur groter.
  • Dahliaknollen: die horen juist in het voorjaar de grond in, na de laatste nachtvorst. Meestal half april tot half mei.

Meer over de bollen zelf staat in onze gids over biologische bloembollen.

Dahlia's

Hoe bewaar ik dahliaknollen door de winter?

Koel, donker en vorstvrij. Een bijkeuken of een schuur die niet bevriest is precies goed.

Leg ze los in een geperforeerde krat, eventueel met wat krantenpapier ertussen. Wat je nooit moet doen is ze in een afgesloten plastic bak of zak stoppen: het vocht kan er niet uit en dan schimmelen ze. Lucht erbij is het hele idee.

Kijk in januari en maart even. Een knol die zacht wordt haal je eruit voor de rest aansteekt, een knol die helemaal verschrompelt heeft het te droog en te warm.

Hoe krijg ik meer bloemen aan mijn dahlia?

Twee dingen, en ze werken allebei.

Toppen. Als de plant zo'n 30 centimeter hoog is en drie of vier bladparen heeft, knip je de bovenste scheut eraf. De plant vertakt zich dan en maakt in plaats van één dikke stengel er vijf of zes. Meer bloemen, steviger plant. Zie dahlia's toppen.

Blijven plukken. Elke bloem die je afknipt of die uitgebloeid is en je weghaalt, is een bloem waar de plant geen zaad van maakt. Hoe meer je plukt, hoe meer je krijgt. Een dahlia is daarin echt onvermoeibaar.

Knip uitgebloeide bloemen weg tot op de eerste zijscheut, niet alleen het kopje.

Kan ik dahlia's in een pot houden?

Ja, en voor borderdahlia's is dat zelfs een prima vaste plek. Neem een pot van minimaal 30 liter voor een gewone dahlia, groter voor de forse soorten.

Twee dingen om rekening mee te houden: een dahlia in een pot drinkt veel, in de zomer soms dagelijks, en hij heeft meer voeding nodig dan in de volle grond. Om de twee weken wat organische mest erbij.

In het najaar zet je de hele pot droog en vorstvrij weg, of je rooit de knol zoals uit de volle grond. Zie dahlia's in pot planten.

Moet ik dahlia's overwinteren, of kunnen ze in de grond blijven?

Dat hangt af van je grond.

  • Zandgrond: ze kunnen blijven zitten. Dek af met een dikke laag stro of een winterdoek. Water loopt weg, dus rot is minder snel een probleem.
  • Kleigrond: rooi ze in elk geval. In een natte, vriezende winter rotten ze weg.

Rooi na de eerste nachtvorst, als de plant is uitgebloeid en het loof zwart is geworden. Laat de knollen daarna ongeveer twee weken drogen in een krat op een droge plek, want tussen de knollen zit veel vocht.

De hele werkwijze staat in dahlia's overwinteren.

Slakken vreten mijn dahlia's kaal. Wat helpt?

Jonge dahliascheuten zijn ongeveer het lekkerste wat er in een voorjaarstuin staat. De kwetsbare periode is kort: zodra de plant een centimeter of dertig is, is het gevaar grotendeels voorbij.

Wat werkt:

  • Voorkweken in een pot en pas uitplanten als de plant al stevig is. Verreweg het effectiefst.
  • 's Avonds met een zaklamp langslopen in de eerste weken. Saai, maar het werkt beter dan wat dan ook.
  • Een ring van scherp zand of schelpengruis rond de plant, opnieuw aanbrengen na regen.
  • De tuin niet te netjes houden: egels, loopkevers en vogels doen het meeste werk.

Meer in slakken bij dahlia's.

Wanneer plant ik dahliaknollen?

Buiten pas als de kans op nachtvorst voorbij is, dus meestal half april tot half mei. Een dahlia is een vorstgevoelige plant uit Mexico, geen bol die de winter in de grond doorstaat.

Wil je eerder bloei: pot de knollen in maart op in een pot binnen of in een koude kas en zet ze na de ijsheiligen buiten. Dat scheelt drie tot vier weken.

Plantdiepte ongeveer 10 centimeter, met de stengelresten naar boven. Plantafstand 60 tot 80 centimeter voor de grote soorten, 40 centimeter voor borderdahlia's.

In pot

Kan ik bloembollen in een pot planten?

Ja, en voor veel mensen is het de leukste manier omdat je de pot kunt neerzetten waar je hem ziet.

Wat je nodig hebt: een pot met gaten in de bodem, en grond die water doorlaat. Ongeveer half potgrond en half scherp zand werkt goed. Zet de pot op pootjes of tegels zodat het water eruit kan.

In een pot staan bollen kouder dan in de volle grond, want de vorst komt er van alle kanten bij. Een terracotta pot tegen een muur redt het meestal prima, maar een dunne plastic pot midden op een winderig balkon is een risico. Bij strenge vorst even tegen de gevel zetten of in noppenfolie wikkelen.

Wat is een bollenlasagne en hoe maak ik er een?

Bollen in lagen boven elkaar in dezelfde pot, zodat je van februari tot mei achter elkaar bloei hebt uit één bak.

Werk van onder naar boven, van laat naar vroeg:

  • Onderin, zo'n 20 centimeter diep: de laatbloeiers, meestal tulpen.
  • Midden, rond 12 centimeter: narcissen.
  • Bovenin, 5 tot 8 centimeter: krokus, blauwe druifjes, sneeuwroem.

Tussen elke laag een paar centimeter grond. Zet de bollen niet precies boven elkaar, dan groeien de onderste er netjes tussendoor omhoog.

Tip. Neem een diepe pot, minimaal 30 centimeter. In een ondiepe bak kun je maar twee lagen kwijt en dan wordt het gedrang.

Verwilderen

Kan ik bollen in het gazon planten, en wanneer maai ik dan?

Ja, en het is een van de mooiste dingen die je met bollen kunt doen. Wel met één voorwaarde: je moet dat stuk gras tot eind mei met rust kunnen laten.

De gouden regel is maai pas als het blad geel en slap is, ongeveer zes weken na de bloei. In die zes weken laadt het blad de bol op voor volgend jaar. Maai je eerder, dan is het na twee seizoenen afgelopen.

Praktisch: kies een hoek of een strook langs de rand, niet het hele veld. Dan kun je de rest gewoon blijven maaien en ziet het er ook nog bedoeld uit.

Plant royaal, 50 tot 100 kleine bolletjes per vierkante meter. Steek met een spade een plag omhoog, leg de bollen eronder en klap het gras terug.

Waarom komen mijn tulpen na een jaar niet meer terug?

Dat ligt niet aan jou. De meeste grote tuintulpen zijn zo doorgekweekt op één grote bloem dat er na die bloei weinig energie overblijft om een nieuwe bol van formaat te maken. Jaar twee geeft nog wat blad en een enkele bloem, daarna is het op.

Wat helpt: diep planten (zeker 15 centimeter), op een plek die in de zomer droog en warm is, en het blad laten staan tot het geel is.

Wil je tulpen die wel terugkomen, kies dan botanische tulpen. Die zijn kleiner en fijner, maar ze blijven jarenlang.

Welke bollen komen elk jaar terug?

De soorten die dicht bij hun wilde vorm staan. Die zijn niet doorgekweekt op één grote bloem, maar op overleven.

  • Narcis: de betrouwbaarste van allemaal, en ze breiden zich uit.
  • Boerenkrokus (Crocus tommasinianus): dé verwilderkrokus, februari en maart.
  • Blauwe druifjes: bijna onverwoestbaar.
  • Sneeuwklokje, zomerklokje, sneeuwroem, winterakoniet.
  • Boshyacint: onder bomen.
  • Botanische tulpen: de kleine wilde tulpen, de enige tulpen die het echt jaren volhouden.

De eerste bloei heb je meteen het eerste voorjaar. Uitbreiding zie je vanaf jaar twee of drie, en een echt tapijt vraagt drie tot vijf jaar geduld. Meer hierover in stinzenbollen en verwilderingsbollen.

Problemen

Mijn bollen voelen zacht aan of hebben een schimmellaagje. Kan ik ze nog planten?

Een droog bruin velletje, een blauwig waas of een klein droog plekje: gewoon planten. Dat is opslagschimmel op de buitenkant en die verdwijnt in de grond.

Voelt de bol zacht en indrukbaar als een rotte ui, of is hij vochtig en ruikt hij muf: niet planten. Die is van binnenuit weg.

Bewaar bollen die je nog niet plant koel, donker en luchtig. Nooit in een gesloten plastic zak, daar broeien ze. Een kartonnen doos of een open krat in de schuur is precies goed.

Zit er veel tussen dat niet deugt? Mail ons met een foto op support@degroenemakers.nl, dan lossen we het op.

Muizen of eekhoorns eten mijn bollen op. Wat helpt?

Krokussen en tulpen zijn favoriet. Narcissen worden bijna nooit aangeraakt, die zijn giftig voor knaagdieren. Dat is meteen de makkelijkste oplossing: plant narcissen tussen je krokussen.

Werkt ook goed:

  • Een stuk kippengaas over het plantvak, net onder het maaiveld. De bollen groeien er doorheen, de dieren niet.
  • Bollen in een plantmandje zetten.
  • Goed aandrukken en het losse blad opruimen na het planten, want vers omgewoelde grond is een uitnodiging.

Wat is tulpenvuur en hoe voorkom ik het?

Een schimmel die tulpen aantast. Je herkent het aan grijsbruine vlekken op blad en bloem, misvormde scheuten en planten die blijven steken.

Wat helpt:

  • Plant tulpen pas vanaf halverwege oktober, als de grond is afgekoeld.
  • Plant ze niet elk jaar op dezelfde plek. Wissel af, minstens drie jaar.
  • Ruim aangetaste planten helemaal op, inclusief bol, en gooi ze niet op de composthoop.
  • Zet ze niet te dicht op elkaar in een hoek zonder luchtbeweging.

Op een natte plek is de kans groter. Het is een van de redenen om tulpen op een goed doorlatende plek te zetten.

Zijn bloembollen giftig voor honden en katten?

Ja, veel wel. Narcissen, tulpen, hyacinten en sneeuwklokjes bevatten stoffen die bij honden en katten braken, diarree en soms ernstiger klachten geven. De bol zelf is het gevaarlijkst, en juist dat is het deel dat een gravende hond te pakken krijgt.

Heb je een graver: plant ze onder een stuk gaas, of houd het bij een pot die hoog staat. Heeft je huisdier toch een bol opgegeten, bel dan de dierenarts en zeg om welke soort het gaat.

Na de bloei

Moet ik bollen na de bloei uit de grond halen?

Bij verwilderaars nooit. Die wil je juist met rust laten.

Bij grote tulpen kan het zin hebben als je grond in de zomer nat blijft: rooi ze als het blad geel is, laat ze drogen en bewaar ze koel en donker tot oktober. Eerlijk gezegd doen de meeste mensen dit niet, en dat is ook prima. Tulpen zijn goedkoop genoeg om als eenjarige te behandelen.

Word je bloei minder terwijl de pol steeds dikker wordt? Dan staan ze te dicht op elkaar. Rooi de pol na de bloei, haal hem uit elkaar en plant de bollen in het najaar verspreid terug.

Wat doe ik met het blad als de bloemen uitgebloeid zijn?

Laten staan tot het vanzelf geel en slap wordt. Dat blad is bezig de bol te vullen voor volgend jaar. Knip je het groen weg, dan haal je precies dat weg.

Wat je wel meteen mag doen: de uitgebloeide bloem eraf halen. Dan steekt de plant geen energie in zaad. Bij narcissen scheelt dat merkbaar.

Het blad opbinden of invlechten, zoals je soms ziet, kun je beter niet doen. Het ziet er netter uit maar het blad kan dan minder licht opvangen.

Bestellen

Wanneer worden mijn bloembollen verzonden?

Najaarsbollen (tulp, narcis, muscari en dergelijke) gaan rond eind oktober de deur uit, zodra ze bij ons binnen zijn. Dat is precies op tijd om te planten.

Veel bollen staan in voorverkoop: je bestelt nu, wij oogsten en versturen in het seizoen. Dat scheelt verspilling en je krijgt versere bollen.

Let op: een bestelling gaat in één keer compleet de deur uit. Zitten er ook artikelen bij die eerder leverbaar zijn, dan wacht de hele bestelling op de bollen. Wil je iets eerder hebben, bestel dat dan apart.

Alles over levering staat bij Bestellen & bezorgen.

Wat als de oogst tegenvalt en mijn bollen er niet zijn?

Bloembollen, dahliaknollen en planten zijn natuurproducten. Een enkele keer valt een oogst tegen of blijkt een partij niet goed genoeg om te versturen.

Gebeurt dat, dan horen we het meestal ruim voor de verzending en nemen we contact met je op. Je kiest dan zelf: geld terug voor dat deel, of een vergelijkbare soort ervoor in de plaats. We sturen niet ongevraagd iets anders.

Biologisch

Wat is er biologisch aan jullie bollen, en merk ik daar iets van?

Biologische bollen zijn geteeld zonder chemische bestrijdingsmiddelen en zonder kunstmest, en dat is gecontroleerd. Op onze biologische bollen zit het Skal-keurmerk, NL-BIO-01.

Waarom het uitmaakt: de gangbare bollenteelt is een van de meest bespoten teelten van Nederland. Die middelen komen in de bodem en in het water terecht, en een deel zit ook nog in de bol die jij in je tuin stopt. Voor bijen die op je krokussen afkomen scheelt dat.

In je tuin merk je het vooral aan wat er níet gebeurt. De bloemen zijn niet anders van kleur of geur. Wat je wel ziet: biologische bollen zijn soms wat ongelijker van formaat, want ze zijn niet met groeiregulatoren op maat gebracht.

Meer hierover: biologische vs. gangbare bloembollen.

Zijn biologische bollen kleiner? En bloeien ze dan minder?

Soms iets kleiner en vaker ongelijker van maat, ja. Dat komt doordat er niet met kunstmest is doorgevoerd en er geen groeiregulatoren gebruikt zijn.

Op de bloei heeft dat nauwelijks effect. Bolmaat bepaalt vooral hoe snel en hoe groot de eerste bloem komt, niet of de plant het doet. Bij verwilderaars maakt het al helemaal niet uit, want die bouwen zichzelf in een paar jaar op.

Wat je wel eerlijk moet weten: biologische bollen zijn duurder. Er gaat meer handwerk in en de uitval bij de teler is hoger.

Grond & plek

Welke bollen doen het in de schaduw of onder bomen?

Verrassend veel, want de meeste voorjaarsbollen bloeien voordat de bladeren aan de bomen zitten. Onder een loofboom is het in maart gewoon licht.

  • Boshyacint: gemaakt voor onder bomen, en breidt zich vanzelf uit.
  • Sneeuwklokje en winterakoniet: bloeien nog voor de rest wakker is.
  • Blauwe druifjes: doen het overal, ook in halfschaduw.
  • Dichtersnarcis en andere narcissen: prima in lichte schaduw.

Waar het niet lukt is onder naaldbomen en onder een dichte beukenhaag: daar is het het hele jaar donker en droog. Tulpen willen echt zon, die worden in schaduw slap en bloeien maar één jaar.

Welke bollen zijn goed voor bijen en vlinders?

Vroegbloeiers zijn het waardevolst, want in februari en maart is er nog bijna niets te halen. Een hommelkoningin die dan wakker wordt, heeft precies dat nodig.

  • Boerenkrokus: bij de eerste zonnestralen staat hij vol. Waarschijnlijk de beste bol die je voor bijen kunt planten.
  • Sneeuwroem, blauwe druifjes, winterakoniet: vroeg en rijk aan nectar.
  • Botanische tulpen en wilde soorten: open bloemen waar insecten bij kunnen.

Gevulde bloemen zijn mooi maar voor insecten nutteloos: de meeldraden zijn tot blaadjes verbouwd, dus er valt niets te halen. Wil je iets voor de bijen doen, kies dan enkelbloemige soorten.

Welke grond hebben bloembollen nodig? En wat als ik zware klei heb?

Het enige waar bollen echt aan hechten is dat het water weg kan. Een bol die de hele winter in een natte kuil staat, rot. Verder zijn ze niet kieskeurig.

Op zware klei: strooi een handje scherp zand onderin het plantgat, dan staat de bol niet direct in de natte grond. Of maak een verhoogd bed. Op een plek waar na regen een plas blijft staan, moet je geen bollen zetten.

Op zandgrond heb je dit probleem niet. Daar drogen bollen juist eerder uit, wat vooral in het voorjaar merkbaar is bij droogte.

Bemesten hoeft niet bij het planten. De bol heeft alles voor de eerste bloei al bij zich.

Bestellen en bezorgen (20)

Als er iets mis is

Er is iets kapot, kwijt of verkeerd aangekomen

Vervelend, dat lossen we op. Mail binnen vijf dagen na ontvangst naar support@degroenemakers.nl met je bestelnummer en een foto van wat je hebt gekregen.

Die foto is geen formaliteit: daarmee zien we meteen of het aan het transport lag, aan de verpakking of aan het product, en dan kunnen we het bij de bron aanpakken. Je krijgt een vervanging of je geld terug voor dat deel.

Kan ik mijn bestelling retourneren?

Voor niet-levende producten geldt 14 dagen bedenktijd. Denk aan gereedschap, bakspullen en kombucha-benodigdheden, ongebruikt en in de originele verpakking.

Levende producten kunnen niet retour: planten, bomen, bloembollen, dahliaknollen, pootgoed en zaden. Die kunnen we niet opnieuw verkopen en de kwaliteit is na een retourreis niet meer te garanderen.

Is er iets mis met wat je hebt gekregen, dan is dat geen retour maar een klacht, en die lossen we altijd op. Mail ons.

Over de producten

Geven jullie advies over mijn tuin of voedselbos?

Een beplantingsplan of tuinontwerp op maat kunnen we niet maken. We zijn met een klein team en de tijd is er simpelweg niet voor. We willen dat liever eerlijk zeggen dan half doen.

Wat we wel doen: meedenken over een concrete keuze. Vragen als "past deze soort in een pot" of "welke van deze twee doet het beter in schaduw" beantwoorden we graag. Op onze vragenpagina over eetbare planten staan er al vijfendertig beantwoord, en op elke productpagina staat hoe groot een soort wordt en wat hij nodig heeft.

Zoek je een echt ontwerp, dan is een tuin- of voedselbosontwerper de juiste persoon. Dat verdient zich terug.

Hoe kan ik jullie bereiken?

Mail is het snelst en je krijgt altijd persoonlijk antwoord.

Je kunt ons ook een bericht sturen op Instagram, daar zitten we vaak. Voor iets dat met een bestelling te maken heeft is mail handiger, want dan kunnen we je order erbij pakken.

Zijn de prijzen inclusief btw?

Ja, alle prijzen op de site zijn inclusief btw. De verzendkosten komen er bij het afrekenen apart bij en staan dan ook los vermeld.

Zijn jullie producten biologisch?

Waar het kan kiezen we biologisch, maar niet alles is gecertificeerd. Bij bloembollen en pootgoed werken we met biologische telers en staat het keurmerk erbij. Bij bomen en struiken is het aanbod aan gecertificeerd biologisch plantmateriaal in Europa simpelweg te klein om alles zo te kunnen doen.

Op elke productpagina staat duidelijk of iets biologisch is. We schrijven het er niet mooier bij dan het is.

Bestelling aanpassen

Hoe volg ik mijn bestelling?

Zodra je bestelling onderweg is, krijg je automatisch een mail met een link om je pakket te volgen. Die mail komt van de vervoerder, dus kijk ook even in je spam als je hem niet ziet.

Geen mail gehad en het duurt lang? Mail ons je bestelnummer, dan zoeken we het na.

Kan ik nog iets toevoegen aan mijn bestelling?

Ja, zolang je bestelling nog niet is ingepakt. Mail je bestelnummer en wat je erbij wilt naar support@degroenemakers.nl. Je krijgt een betaallink en het gaat in dezelfde zending mee.

Zat er al een plant in je bestelling, dan is de plantverzending al betaald en kun je er gratis planten bij laten leggen.

Wat niet kan is twee losse bestellingen achteraf samenvoegen tot één. Daarvoor moeten we er één annuleren en opnieuw plaatsen.

Ophalen

Kan ik mijn bestelling ophalen?

Ja, en dat is gratis. Ons magazijn staat aan De Kuipersweg 7, 5411 RC Zeeland in Noord-Brabant.

Ophalen gaat op afspraak, op maandag tussen 10:00 en 16:00 en op zaterdag tussen 10:00 en 12:00. Mail even naar support@degroenemakers.nl om het in te plannen. Dat hoeft niet lang vooruit: het kan gewoon rond het moment dat je bestelling compleet is.

Veel mensen halen hun bomen en grote planten zelf op. Dat scheelt de palletkosten en je kunt ze meteen in de auto zetten.

Levertijd

Kan ik zelf aangeven wanneer ik mijn planten wil ontvangen?

Ja. Zet het bij het afrekenen in het opmerkingenveld bij je bestelling: vanaf welke datum het je uitkomt. Daar houden we rekening mee.

Handig bij een verhuizing, een vakantie of als je tuin nog niet klaar is. Het werkt alleen om later te leveren, niet om eerder te leveren dan het seizoen toelaat.

Waarom wacht mijn hele bestelling op één product?

We versturen een bestelling in één keer compleet, zodra alles binnen is. Dat scheelt een tweede pakket, een tweede rit en een tweede doos, en dat is voor ons de eerlijkste manier.

Het gevolg is wel dat een bestelling met bijvoorbeeld zaden én bollen pas rond eind oktober komt. Wil je de zaden eerder hebben, plaats dan twee losse bestellingen.

Bij één combinatie maken we een uitzondering: heb je saffraan én najaarsbollen besteld, dan zijn de bollen te laat voor de saffraan. Dan mailen we je met de keuze om de saffraan apart vooruit te sturen tegen een bijdrage van € 5,95 voor de tweede zending, of alles samen te laten komen.

Wanneer is een uitverkocht product weer op voorraad?

Bomen en struiken komen terug in het plantseizoen, vanaf het najaar. Op de productpagina staat een label met de datum waarop hij weer te bestellen is.

Wil je het horen zodra er iets binnen is: schrijf je in voor de nieuwsbrief. Daar melden we nieuwe voorraad als eerste.

Wanneer komen saffraan, knoflook, plantui, bloembollen en bomen?

Alles gaat de deur uit zodra het bij ons binnen is en op tijd om te planten. Grofweg:

  • Saffraankrokus: vanaf half augustus.
  • Knoflook en plantui: vanaf half september of oktober.
  • Najaarsbloembollen (tulp, narcis, muscari): rond eind oktober.
  • Bomen en struiken: in het plantseizoen, vanaf het najaar. Op de productpagina staat de datum waarop ze weer te bestellen zijn. Kaal wortelgoed plant je van november tot maart.

De informatie staat ook op elke productpagina zelf, bij het product.

Wanneer wordt mijn bestelling verzonden?

We pakken alle bestellingen één keer per week in, op maandag. Bestel je voor zondag 23:59, dan gaat je bestelling die maandag mee. In het drukke seizoen pakken we van maandag tot en met vrijdag in.

Zodra je pakket onderweg is, krijg je automatisch een mail met een link om het te volgen.

Staat er een product in je bestelling dat pas in het seizoen komt, dan geldt die datum voor de hele bestelling. Zie de vraag hieronder.

Wat als de oogst tegenvalt?

Bloembollen, dahliaknollen en planten zijn natuurproducten. Een enkele keer valt een oogst tegen of blijkt een partij niet goed genoeg om te versturen.

Gebeurt dat, dan nemen we contact met je op vóór de verzending. Je kiest dan zelf: geld terug voor dat deel van je bestelling, of een vergelijkbaar product ervoor in de plaats. We sturen nooit ongevraagd iets anders op.

Wat is voorverkoop?

Je bestelt nu, en je krijgt het in het seizoen waarin het geplant of geleverd hoort te worden. Wij weten daardoor precies hoeveel we nodig hebben en telen of bestellen daarop.

Het voordeel voor jou is dat je zeker bent van de soorten die je wilt (sommige zijn snel weg) en dat je verse bollen of planten krijgt in plaats van iets dat maanden in een schuur heeft gelegen. Het voordeel voor de aarde is dat er minder wordt weggegooid.

Bij elk product in voorverkoop staat de verwachte leverperiode.

Verzendkosten

Naar welke landen verzenden jullie?

Nederland en België. Daarbuiten verzenden we niet.

Dat heeft te maken met de vervoerder voor planten en met de fytosanitaire regels die per land verschillen. Voor bollen en droge producten zou het technisch soms wel kunnen, maar we willen niet dat je bij één bestelling met twee verschillende regelingen te maken krijgt.

Waarom is mijn verzending ineens € 75?

Dan zit er iets in je bestelling dat niet in een pakket past: een grote boom, kaal wortelgoed van formaat, of meer dan zes kleine planten. Dat kan alleen per pallet, en dat is de kostprijs daarvan.

Goed om te weten: op zo'n pallet past nog van alles bij zonder extra kosten. Wil je meer bestellen, doe dat dan in dezelfde order.

Wil je die € 75 niet betalen, dan kun je gratis ophalen bij ons magazijn in Zeeland. Veel mensen doen dat met bomen.

Waarom kost het verzenden van planten meer dan van bollen of bakspullen?

Planten reizen anders. Ze zijn levend, kwetsbaar en fors van formaat, en ze moeten rechtop staand en snel bij je zijn. Dat gaat via een gespecialiseerde vervoerder en in stevige dozen die op maat gemaakt zijn, en dat kost simpelweg meer dan een pakketje bollen dat gewoon met DHL mee kan.

We rekenen door wat het ons kost. Er zit geen marge op de verzending.

Wat kost verzending?

Dat hangt af van wat je bestelt, want een boom reist anders dan een zakje zaad.

  • Zaden, bollen, bakspullen, kombucha en gereedschap: via DHL, € 5,95 in Nederland en € 6,95 in België.
  • Planten en kleinfruit: via Trunkrs, € 14,95. Tot zes kleine planten in één zending.
  • Grote bomen en kaal wortelgoed dat niet in een doos past: per pallet, € 75. Of gratis ophalen bij ons in Zeeland.

Alles staat ook op onze bezorgpagina.

Staat jouw vraag er niet bij?

Stuur hem gerust. We beantwoorden alles persoonlijk, en de vragen die vaker terugkomen zetten we erbij. Zo wordt deze pagina elke week een stukje completer.

Stel je vraag

120 vragen, en het worden er elke week meer.